Wat houdt dit recht in ?
Het gaat om een recht op loopbaanvermindering voor werknemers van 50 jaar en
ouder die hun loopbaan tot een 4/5de of tot een halftijdse baan willen verminderen.
Dit recht is onbeperkt in duur en kan dus lopen tot aan je pensioen of brugpensioen.
Voor 55 plussers is de loopbaanvermindering met 1/5de trouwens een individueel
recht.
Je moet dit recht opnemen voor een minimumduur van 6 maanden wanneer je kiest voor een 1/5de onderbreking of in periodes van minimaal 3 maanden bij een halftijdse onderbreking. De 1/5de loopbaanvermindering neem je normaal op in twee halve dagen of een volledige dag per week. Hierop zijn echter uitzonderingen mogelijk.
Voorwaarden
Je moet minstens 50 jaar zijn op de datum waarop je het recht wil doen ingaan.
De anciënniteits- en tewerkstellingsvoorwaarden om toegang te hebben tot het recht, zijn verschillend naargelang je 1/2 of 4/5de wil gaan werken. Je kan kiezen voor de vermindering tot een 4/5de tewerkstelling als:
je gedurende de 12 maanden die de aanvraag voorafgaan voltijds tewerkgesteld was en je op het moment van de aanvraag in een voltijds regime gespreid over 5 of 6 dagen per week werkte of je op het ogenblik van je aanvraag reeds in het stelsel loopbaanvermindering 4/5de werkt;
je gedurende 3 jaar voorafgaand aan je aanvraag in dienst was bij dezelfde werkgever. Wanneer je aangeworven werd na je 50ste, kan deze voorwaarde bij individueel akkoord met de werkgever ingekort worden tot 2 jaar of tot 1 jaar wanneer je na je 55ste werd aangeworven;
je een loopbaan van minstens 20 jaar als werknemer (in de privésector of als contractueel bij de overheid) kan aantonen op het ogenblik van de aanvraag. Voor berekening van deze loopbaan telt men alle gewerkte en gelijkgestelde dagen (dus bijvoorbeeld ook dagen van economische, technische en tijdelijke werkloosheid, ziekte of invaliditeit, feestdagen, carens-dagen, inhaalrustdagen) samen. Dit met uitzondering van de dagen van volledige werkloosheid en de dagen van volledige schorsing van de arbeidsovereenkomst als gevolg van beroepsloopbaanonderbreking, loopbaanvermindering of tijdkrediet.
Ofwel kies je om over te stappen naar een halftijdse betrekking:
je moet dan wel minimum in een regime van 3/4- de van een normale voltijdse job werken. En dit gedurende de 12 maanden voorafgaand aan je aanvraag. Ofwel reeds in een stelsel van 1/5de beroepsloopbaanvermindering als 50 plusser werken;
je moet gedurende 3 jaar voorafgaand aan je aanvraag in dienst zijn bij je werkgever. Wanneer je aangeworven werd na je 50ste, kan deze voorwaarde bij individueel akkoord met de werkgever zelfs ingekort worden tot 2 jaar of tot 1 jaar wanneer je na je 55ste werd aangeworven;
je moet een loopbaan van minstens 20 jaar loondienst als werknemer kunnen aantonen op het ogenblik van de aanvraag. Voor berekening van deze loopbaan telt men alle gewerkte en gelijkgestelde dagen (dus ook dagen van economische, technische en tijdelijke werkloosheid) samen. Dit met uitzondering van de dagen van volledige werkloosheid en de dagen van volledige schorsing van de arbeidsovereenkomst als gevolg van beroepsloopbaanvermindering of tijdkrediet.
De halftijdse betrekking wordt bepaald op basis van het normale voltijdse regime in de onderneming. Ook hier kan je niet om het even welk halftijds rooster kiezen. Je bent gebonden aan de mogelijke halftijdse roosters die voorzien zijn in het arbeidsreglement.
Uitkeringen
Als je kiest voor een vermindering van arbeidsprestaties als 50 plusser,
krijg je een vaste uitkering. Ook hier gaat men je uitkering herberekenen aan
de hand van je arbeidsregime voor de aanvraag behalve wanneer je reeds werkte
in een regime van 4/5de loopbaanvermindering op het ogenblik van je aanvraag
op 50 jaar.
De werknemers die kiezen voor een landingsbaan (4/5de of halftijds werken tot
aan hun (brug)pensioenleeftijd) krijgen een verhoogde uitkering. Omwille van
besparingen heeft de regering beslist om, voor nieuwe aanvragen vanaf 1 januari
2010 deze verhoogde uitkering slechts toe te staan vanaf de leeftijd van 51
jaar. Je kan als werknemer op de leeftijd van 50 jaar nog steeds kiezen voor
een landingsbaan maar de hogere uitkering zal je pas ontvangen in de maand na
je 51ste verjaardag.
De bedragen van de uitkeringen.
Overgang naar brugpensioen
De overgang van loopbaanvermindering als 50 plusser naar brugpensioen moet
op de ‘normale wijze’ geregeld worden, te beginnen met een stopzetting
van de loopbaanvermindering en de opheffing van de ontslagbescherming.
Landingsbaan voor 55 plussers
De loopbaanvermindering met 1/5de is een individueel recht voor alle 55 plussers.
Concreet wil dit zeggen dat voor de uitoefening van dit recht door een werknemer
ouder dan 55 jaar niet langer een grens geldt van 5 procent van het personeel.
Oudere werknemers krijgen dus het recht om 4/5de te gaan werken, waarbij er
eveneens flexibele regelingen getroffen kunnen worden voor de concrete invulling
ervan. De voorwaarden om te kunnen instappen in dit stelsel zijn dezelfde als
voor 50 plussers.
Wanneer je een sleutelfunctie hebt, kan de werkgever voorbehoud maken tegen de uitoefening van een 1/5de loopbaanvermindering. Dit voorbehoud betekent dat je werkgever je recht kan uitstellen tot maximum 12 maanden. Hij moet dit uitstel motiveren. De sleutelfuncties in een bedrijf kunnen verduidelijkt worden in een cao of in het arbeidsreglement. Concreet kan het daarbij dan gaan om werknemers die een dermate belangrijke rol hebben in de werking van de onderneming dat hun afwezigheid de arbeidsorganisatie in het gedrang zou brengen en er geen oplossing gevonden kan worden door verschuiving of mutatie van personeel.
Zelfs wanneer je als 55 plusser in een sleutelfunctie het recht op 4/5de tewerkstelling uitoefent, kan je met de werkgever aanpassingen overeenkomen over de wijze van uitoefening van het recht.